Zoeken in GGD Amsterdam
Pad tot huidige pagina
Verbergen
De GGD richt zich op alle inwoners van Amsterdam,­ Aalsmeer, Amstelveen, Diemen, Ouder-Amstel en Uithoorn.

Een gesprek met Wilco Schilthuis over jeugd en hun alcohol- en druggebruik

12 januari 2017
-
Milou Koldijk. Met dank aan Wilco Schilthuis en Henriëtte Dijkshoorn (onderzoeker)

Wilco Schilthuis

Hoeveel alcohol en drugs gebruiken leerlingen in klas 5 en 6 van havo en vwo in Amsterdam? Deze vraag werd voor de eerste keer gesteld aan leerlingen in Amsterdam. Zij zijn ondervraagd over hun alcohol, cannabis en xtc-gebruik. Andere harddrugs zijn meteen meegenomen. In een gesprek met Wilco Schilthuis (Adviseur Gezondheid en Leefstijl) bespreek ik de interessante uitkomsten en hoe we hier mee verder moeten.

Wat vind je de meest opvallende uitkomst?

De uitkomsten van het onderzoek vallen niet mee. Wat we zien is dat genotmiddelen echt stevig gebruikt worden in Amsterdam. 60% van de ondervraagde leerlingen van 16 tot en met 18 jaar heeft in de afgelopen maand alcohol gedronken, de helft van de leerlingen heeft ooit cannabis gebruikt en 15% heeft ooit XTC gebruikt. Cannabis en XTC worden in Amsterdam meer gebruikt dan in de rest van Nederland, maar dat is niet heel erg verrassend. Er zijn in Amsterdam veel meer gelegenheden voor genotmiddelengebruik dan landelijk: meer coffeeshops, meer horeca, meer feesten en meer festivals.

Zie je culturele verschillen in het gebruik van genotmiddelen?

Jongeren van Nederlandse herkomst gebruiken aanzienlijk vaker alcohol en drugs dan jongeren van niet-westerse herkomst. Frequent alcoholgebruik, frequent blowen en gebruik van XTC is voor een groot deel een gezondheidsprobleem van jongeren met een Nederlandse of andere westerse culturele achtergrond.

Jullie hebben gevraagd hoe jongeren de risico’s van alcohol- en druggebruik inschatten. Wat kwam daaruit?

Opvallend is dat leerlingen over een aantal dingen denken dat het wel heel erg meevalt met de risico’s. 20% denkt dat de risico’s laag zijn als je meer dan 5 glazen op een avond drinkt. Ook een keertje XTC uitproberen vinden ze weinig riskant. Terwijl dat juist gedragingen zijn waar wij niet zo blij mee zijn. Eén op de acht jongeren (13%) zeggen dat ze iedere dag blowen niet of nauwelijks schadelijk vinden. Dat klopt niet, dat is niet waar. Veel blowen is wel degelijk riskant.

Hoe kunnen we de onderschatting van risico’s aanpakken?

Het is echt een puzzel om iets met risicoperceptie te doen. Als je in de klas les gaat geven over XTC sta je voor een groep waarbij 85% nog nooit heeft gebruikt. Dan is er een reeël risico dat het effect van je les averechts is. Leerlingen kunnen denken: “Nou, dat klinkt eigenlijk best leuk”. Daarom kun je beter alleen voorlichting geven aan degene die weleens XTC gebruiken. Bij alcohol ligt dat wel wat anders, omdat de grootste groep toch al wel een keer alcohol heeft gedronken.

Tegen welke uitdagingen loop je nog meer aan bij het terugdringen van alcohol- en druggebruik?

De norm dat het heel normaal is om alcohol te drinken is zorgwekkend. Wij vinden het misschien gek dat het zo normaal is geworden voor jongeren om te drinken, maar het is een afspiegeling van de samenleving die tolerant met alcohol omgaat. Veel van ons vinden het heel gewoon dat drank goed betaalbaar is voor iedereen en dat het veel gebruikt wordt. We vinden het gezellig om alcohol te drinken. Daarom is het niet zo gek dat die 16-jarigen ook aan de alcohol gaan en ze het normaal vinden om vijf of zes glazen op een avond te drinken.

Zie je eigenlijk effect van de nieuwe wetgeving: niet drinken en niet roken onder de 18?

NIX18 is nog niet helemaal aangekomen bij de jongeren tussen de 16 en 18 jaar oud. Wat je wel ziet is een daling van alcoholgebruik bij de 12- tot 16-jarigen. Dit is vermoedelijk het gevolg van de moeilijkere verkrijgbaarheid van alcohol voor deze leeftijdsgroep. Maar de controle bij de verkoop is nog steeds onvoldoende. Het is nog steeds te makkelijk om als minderjarige van 16 of 17 jaar bij de supermarkt aan alcohol te komen.

Wat is de beste aanpak om het gebruik van genotmiddelen bij jongeren terug te dringen?

Je moet het echt hebben van de combinatie van de vijf peilers die bij de Gezonde School* worden gebruikt: signaleren, educatie, beleid, ouders en omgeving. Wat je uiteindelijk wenst is dat de maatschappelijke norm anders wordt, maar dat is niet makkelijk. Dat kan alleen als er allerlei verschillende factoren worden aangepakt. Waarvan je in ieder geval weet dat het werkt is de verkrijgbaarheid. Alcohol duurder maken, het aantal verkooppunten verminderen, controle op de leeftijd: dat zijn allemaal factoren waarvan je zeker weet dat ze ook in hun eentje wel werken. Een minimumprijs voor alcohol bijvoorbeeld is geen gek idee. Of we dat politiek willen is een ander verhaal, maar het zou zeker effect hebben.

Wat moeten we absoluut niet doen?

Het lastige aan de uitkomsten vind ik dat we aan de ene kant iets vinden waar we absoluut mee aan de slag moeten. Aan de andere kant moeten we ook oppassen om hier niet heel dramatisch over te doen. Maak het niet erger dan het is. Er wordt stevig gebruikt, daar moeten we echt wat aan doen. Maar het is niet zo dat we onmiddellijk keihard moeten gaan optreden als een jongere ooit eens een xtc-pil heeft geslikt.  Dat kan averechts werken. Je moet het met een zekere redelijkheid oppakken. Als je fel reageert kan je het gesprek met je kind om zeep helpen en ben je het contact kwijt. Dus we moeten oppassen dat we niet heftig gaan waarschuwen en gaan preken.

En nu?

Vijf jaar geleden richtten we ons op de jongste groepen. Dat was natuurlijk onze eerste zorg. De cijfers wat genotmiddelengebruik betreft zien er voor deze jongeren nu veel beter uit. Dit onderzoek is een wake-up call dat we nu meer aandacht aan de oudere groepen moeten gaan besteden. Het werk is niet af.

* De Gezonde School is een werkwijze voor scholen, geïnitieerd door het RIVM. De Gezonde School-aanpak helpt scholen om planmatig en structureel te werken aan gezondheid en een gezonde leefstijl van leerlingen.