Zoeken in GGD Amsterdam
Pad tot huidige pagina
Verbergen
De GGD richt zich op alle inwoners van Amsterdam,­ Aalsmeer, Amstelveen, Diemen, Ouder-Amstel en Uithoorn.

Over Big Data en nieuwe kansen in de epidemiologie

15 februari 2016
-
Joanne Ujcic-Voortman

Foto: Françoise Rondaij-Koch

Een interview met Daan Uitenbroek.

Daan Uitenbroek is senior epidemioloog en werkt sinds 1998 bij de GGD Amsterdam. In de afgelopen 17 jaar heeft hij het veld van de GGD epidemiologie van binnen uit goed kunnen volgen. Hij gaat al een tijd mee, maar gaat ook zeker mét zijn tijd mee. We vragen hem naar zijn visie op de ontwikkelingen en de kansen die er zijn, met name op het gebied van Big Data.

Is er in de afgelopen decennia veel veranderd in de rol van de GGD epidemioloog?

Sommige dingen zijn erg hetzelfde gebleven, zoals het in kaart brengen van gezondheid en de factoren die daarop van invloed zijn en de monitoring daarvan. Ook het regionaliseren, het onderzoek op het niveau van kleine geografische eenheden is niet nieuw. Wat ik wel degelijk verander vind, is dat epidemiologen minder hands on werken en minder dataverzameling doen dan vroeger. Epidemiologen zijn tegenwoordig niet alleen onderzoek, maar ook kennismakelaars.

De epidemioloog als kennismakelaar, wat bedoel je daar precies mee?

De epidemioloog is een soort wissel geworden tussen beleidsmakers en burgers, die iets over gezondheid willen weten, aan de ene kant, en de data aan de andere kant. Je ziet ook op landelijk niveau een shift in het beleid, waarbij epidemiologen binnen de gemeente meer en meer de functie van spil gaan vervullen als het gaat om gezondheidskennis.

Wat vind je van die veranderingen?

Ik denk dat het goed is, zolang het maar niet samen gaat met een afname in vaardigheden. De basisvaardigheden van de epidemioloog moet je wel beheersen. Een epidemioloog moet niet alleen de data goed kunnen verkopen, je moet ook het onderzoek dat daar onderligt goed begrijpen. Ik stel me alleen wel eens de vraag in hoeverre je die twee vaardigheden in één persoon kunt combineren: een goede analyticus, iemand die van puzzelen houdt, en een makelaar, wat toch veel sociale vaardigheden vraagt.

De rol van de epidemioloog verandert. Zie je ook verandering in methodologie?

Er komen steeds meer data beschikbaar, maar ook nieuwe technologieën. Dit vraagt om andere kennis en nieuwe vaardigheden. Epidemiologen moeten zich bezig houden met dataverzameling, onderzoeksmethoden, epidemiologie en nu ook met dingen als Big Data.

Big Data, wat is dat eigenlijk precies?

Big Data zijn eigenlijk procesdata die ontstaan door het maatschappelijk verkeer. Overal waar menselijke activiteit plaatsvindt daar ontstaan data. Dat kan een website zijn, werkzaamheden van de GGD, zoekopdrachten op internet. Door die activiteiten ontstaat een spoor van data. Als je dan bedenkt dat bij alles wat een persoon of organisatie doet data ontstaan, kan je je voorstellen dat dit al snel big is.

Het verschil zit dus vooral in de bron van de data. Veel onderzoeksdata worden bewust verzameld, Big Data ontstaat, veelal als bijproduct. Je hebt daardoor vrij weinig invloed op het verzamelproces. De vraag is: hoe vangen we die data, hoe slaan we de data op, hoe analyseren we het en wat doen we ermee? Die laatste vraag stel je je idealiter al vooraf. Maar meestal ontstaan de data en dan pas ga je kijken wat je ermee gaat doen. Anders dan bij een onderzoek waarbij je eerst de onderzoeksvraag formuleert en dan pas de data gaat verzamelen. Dit maakt het proces wezenlijk anders.

Hoe kunnen we Big Data binnen de epidemiologie gebruiken?

Hier spelen twee vragen door elkaar heen. Allereerst de efficiency vraag: hoe kunnen we meer bereiken op een efficiëntere wijze? Daarnaast is er de effectiviteit vraag: hoe kunnen we dat wat we moeten beter doen? Bijvoorbeeld het in kaart brengen van de gezondheid. Hoe kunnen we dat effectiever doen en efficiënter? En hoe kan Big Data daarin helpen?

Kun je daar een voorbeeld van geven?

We zijn nu samen met ItforCare (voorheen afdeling I&A van de GGD Amsterdam) bezig om de webdata die verzameld worden, beschikbaar te maken voor onderzoek. Dit gaat dan om data van bijvoorbeeld Gezondheid in Beeld, en ggd.amsterdam.nl. Je kunt dan kijken waar bezoekers naar kijken, hoe lang ze dat doen, waar ze dat doen en hoe ze daar komen. Zo kun je in een heel vroeg stadium bepaalde informatiebehoeften signaleren.
Alleen al door het feit dat er een bepaalde stijging is in zoekopdrachten, bijvoorbeeld naar symptomen van geslachtsziekten, kun je vroegtijdig trends signaleren. Je kunt ook meer leren over hoe mensen kennis verzamelen. Je kunt ze namelijk 'waarnemen' terwijl ze die kennis verzamelen. Uit de zoekopdrachten kun je afleiden wat belangrijk is voor mensen en wat niet. Met deze informatie kun je je voorlichting aanpassen en effectiever maken.

Hoe moeten we nu verder met Big Data?

De vraag is wat mij betreft nu: hebben we de vaardigheden, ook de technische, om een speler te zijn in de Big Data revolutie. Ik zie het als mijn taak om dit in kaart te brengen en lacunes op te vullen. Daarvoor volg ik cursussen. Daar zijn er genoeg van op dit terrein, zowel vanuit de management optiek als ook cursussen op het gebied van de echte analytics, de algemene term voor Big Data analyse. Ik heb onder andere een online cursus gedaan over analytics, daar heb ik een stukje over geschreven en dit wordt binnenkort gepubliceerd in Regionale Gezondheidsinformatie (RGI) nieuws. Om mijn ervaring beschikbaar te maken voor de collega's geef ik in maart een cursus over Big Data om de belangrijkste concepten hiervan over het voetlicht te brengen.

Hoe past Big Data in de verschuiving van de epidemioloog als dataverzamelaar naar kennismakelaar?

Epidemiologen krijgen dan meer de taak om te kijken waar de behoefte aan informatie in de samenleving ligt, dit vervolgens terug te koppelen aan de technici/dataleveranciers en dat dan weer te vertalen naar informatie waar mensen wat mee kunnen. En dan bedoel ik niet alleen beleidsmakers, dat vind ik een te smalle doelgroep, we zijn hier per slot van rekening voor alle Amsterdammers.